Twee bewogen jaren

Alcohol, Vandaag neem ik afscheid van jou. Ik neem de tijd om terug te blikken naar twee bewogen jaren als alcoholist. Twee jaar het leven geleid als God in Frankrijk zoals ze zeggen.

Ik ben een 22-jarige alleenstaande mama van een prachtige zoon van 4 jaar. Ja, ik ben er vroeg bij geweest. Dat maakt niet dat ik een verslavingsproblematiek ontwikkelde. Na de geboorte van mijn zoon koos ik ervoor om een gastric bypass te laten uitvoeren om mijn gezondheid te optimaliseren. Komende van 144 kg ben ik snel beginnen afvallen, te snel. Kort erna kwam de breuk met de vader van mijn zoon. Onze relatiebreuk woog zwaar door. Ik ging terug bij mijn ouders gaan wonen, werkte hard, haalde mijn rijbewijs, kocht een auto, ging op zoek naar een appartement en alles wat daarbij hoort. Op een 3 maanden tijd hadden we wat we moesten hebben.

Toen dronk ik af en toe, op een feestje, ter gelegenheid van. Ik leerde snel iemand nieuw kennen. Ik merkte op dat hij wel graag dronk maar vond dat ok. Ik besloot heel impulsief samen te gaan wonen en mijn familie, werk en vrienden achter te laten om aan de kust “het nieuw samengesteld gezin” te gaan vormen. Wat een droom leek te zijn, veranderde snel in een nachtmerrie.

Ik vond werk en de routine begon er te komen. Ik was toen gelukkig. Naarmate de dagen voorbijgingen, merkte ik dat mijn partner veel dronk. Af en toe dronk ik mee. Geleidelijk aan bouwde ik mijn drinkgedrag onbewust op van af en toe naar elk weekend. Ik had toen nog die rem. Eens ik genoeg had gedronken, kon ik stoppen, gecontroleerd drinken.

Ik begon heimwee te krijgen naar mijn familie. Alcohol werd het product om die heimwee te verdoezelen. Mijn partner had een bewogen sociaal leven. Ik vond dit wel best, maar na een tijd begon ik heel veel avonden er alleen voor te staan met de kinderen en kwam hij straal bezopen en onder invloed van drugs thuis. Dit zorgde ervoor dat ik me vaak alleen voelde.

Ik koos ervoor om er ook eens een avondje op uit te gaan, dat was voor hem een no-go. Er ontstond ruzie, ik koos ervoor om toch op mijn eentje de stad in te trekken al was het maar om hem eens te laten voelen hoe het was om alleen te zijn. Wat een avondje de stad verkennen moest zijn, draaide uit op een trauma. Ik werd wakker in een vreemd leeg huis waar niemand aanwezig was. Ik liep weg en eens thuis werd de politie ingelicht. Er werden sporen van verkrachting vastgesteld en er werden verschillende onderzoeken opgestart. Door het proces met slachtofferhulp en de recherche was ik heel angstig en paniekerig, alcohol zorgde ervoor dat ik mij minder angstig ging voelen.

Het resultaat was dat mijn partner en ik samen begonnen te drinken en we dit best leuk vonden. Ik kwam in zatte buien van alles te weten van hem zoals zijn drugsgebruik, financiële issues die hij achterhield en verschillende leugens. Daarnaast werd ik vaak de grond ingeboord en uitgelachen. Toen ik alles te weten was gekomen en het mij liet gaan, begon hij thuis te gebruiken en ik was toch dronken “so no drama lama”. Ik was al blij dat hij thuis was… Hij stelde mij vaak voor om ook te gebruiken, ik weigerde. Snel kwam de nieuwsgierige professor in mij naar boven door de constante uitnodigingen. In een zatte bui ging ik in op het voorstel. Cocaïne had ik al geprobeerd in mijn tiener jaren. Hij gebruikte cocaïne op een heel andere manier, hij rookte crack. Al snel was ik er mee weg, en gebruikten we samen in combinatie met alcohol. Wat sporadisch gebeurde, werd elk weekend, eens op een woensdagavond… Doorbreking van de week. Ik begon ook vaker en meer te drinken, na een werkdag beloonde ik mezelf met een glas wijn, of eerder een fles. Eens ik wat tipsy werd kwam de drang om drugs te gebruiken.

Ik zag geen probleem maar na een tijd had ik er genoeg van. “Het is leuk geweest”, dacht ik. Ik merkte dat hij het er lastig mee had en het bleef doen. Ik dronk meer maar stopte het gebruik. Er kwamen woordwisselingen die uitdraaiden naar agressie. Ik wou dat het stopte. We hadden duidelijk niet dezelfde ambitie om te stoppen. Ik was diep ongelukkig en begon nog meer te drinken en weer mee te gebruiken. Dan was ik tenminste gelukkig. We begonnen ons meer en meer afwezig te zetten op het werk, de kinderen gingen minder naar school. Ik voelde mij diep ongelukkig, ik ging meer naar mijn ouders, had een bijbaan in de regio van mijn ouders en op die manier begon ik te vluchten van de situatie. Ik zag hem zo graag dus bij mijn ouders droeg ik een masker, alles gaat goed aan de kust. One happy family… yeah right!

Tijd ging voorbij en mijn ex-partner begon ook genoeg te hebben van het gebruik, dat zei hij toch. We kozen ervoor te verhuizen, weg van de foute vrienden. Nieuwe start, maar ik vergat dat je van alcohol niet kan weglopen. Ik heb geen probleem maar we drinken gewoon elke dag. Mijn partner rookt marihuana maar het doet mij niets zolang ik maar alcohol heb. Na verloop van tijd heeft hij ook heimwee aangezien we tussen in gaan wonen zijn. Ik merk dat hij vaker naar de kust ging met vrienden, straal bezopen thuiskwam en onder invloed. Ik dronk mij ter pletter. Ik verdoofde men gevoelens steeds meer en meer. Ik merkte dat ik eigenlijk de enige was die liefde voelde in de relatie. Ik was voor hem niets meer dan een iemand die hij kon meenemen op gelegenheden en best was dat ik gewoon zweeg. “Een jong ding, een zwartje, hij kon me nog naar zijn hand draaien” heel hypocriete en arrogante praat die er begon uit te komen, ik kon niets meer. Ik werd gemanipuleerd, mijn woorden werden verdraaid en ik werd met de grond gelijkgemaakt. Ik wist niet meer waarin noch waaruit.

Op een bepaald moment werd het mij te veel, ik heb mezelf de kop ingedronken en had genoeg van het leven. Ik wou niet terug, ik wil niets meer voelen, ik wil geen pijn meer voelen, ik wil rust in mijn hoofd. Ik kwam tot stilstand tegen een boom met mijn wagen en dacht in mezelf “da meende nie da’k nog leef!?”. Een wanhoopsdaad die mij niet verder heeft geholpen, integendeel. Ik ging verder drinken, ik was mijn leven beu.

Nog steeds werd ik behandeld zonder respect en de grond ingeboord. Liefde maakt blind waardoor ik wel nog altijd kon navigeren in de relatie. Tot wanneer de maat nog maar eens vol was en ik mijn stoute schoenen aan trok en eindelijk met de juiste woorden hem op zijn plaats wist te zetten. Het voelde zo goed om op dat moment eindelijk onder woorden te brengen wat ik voelde. Ik heb het wel moeten bekopen met een flink pak rake klappen en ik werd gewurgd tot ik zwart zag maar ik was opgelucht… Mijn liefde werd haat.

Ik ging nog maar eens bij mijn ouders wonen. De catch was daar dat ik geen alcohol had bij mijn ouders, ik was verslaafd maar wist het niet. Ik dronk dagelijks, verdoken. Ik ging uit alsof ik 16 was. Ik kwam vaak zat thuis bij mijn ouders, waar ik bijvoorbeeld in de zetel plaste zonder het te beseffen, ik had black-outs.

Ik verhuisde met mijn zoon naar een appartement vlak aan het centrum, oja naast de nachtwinkel, oja in de WIJNstraat. Ik dronk dagelijks en in een zatte bui belde ik hem op. We bleven in contact op een heel toxische manier. Mijn haatgevoelens waren er ook nog, die kwamen boven eens ik dronk. Ik heb de beste leerschool in manipuleren en kleineren gehad dus paste ik dit ook toe op hem. De wereld lag aan mijn voeten, ik wist mijn haatgevoelens over te brengen. Een aantal weken later kon hij het niet meer aanhoren en was hij weg. Heel onverwachts en plots was ik terug alleen. Ik dronk mij erdoor en hij begon mij te stalken, in te breken, mij aan te vallen, bedreigen, achtervolgen, de auto banden plat te zetten, enzovoort. Ik verdronk mijn angsten. Waardoor het echt van kwaad naar erger ging.

Dagelijks dronk ik. Ik maakte rare keuzes en verwaarloosde alles en iedereen rondom mij. Als ik dronk, dronk ik mezelf black-out. In mijn ondergoed ging ik naar de nachtwinkel om wijn, naar de bars in het centrum, met mijn zatte kloten viel ik vaak een maakte ik ruzie. Het ging van kwaad naar erger… Ze begonnen mij te kennen. Ik kreeg bijnamen, ik was altijd zat. Een ramp op poten. Niets interesseerde mij nog, ook mijn zoon niet. Ik kwam 26 kilo bij, ik werd lelijk, had last van eczeem opstoten. Ik kreeg opmerkingen over mijn drinkgedrag en dat kon mij niet schelen. Ik ging minder werken, ik verzond smoesjes. Ik kwam bij de verkeerde mensen terecht, alles kon me gestolen worden. Gezondheid, emoties, hygiëne, opvoeding, niets boeide mij. Ik was op alle feestjes aanwezig tot ik het miste om mij te settelen en dat ik mijn oog liet vallen op een junkie. Goed van inborst, knap, grappig maar een verslaving aan cocaïne en in gevorderd stadium. Ik dronk hij snoof. Ik had medelijden. Maar hij was zo nonchalant, een echte playboy, ik dacht hem en zijn kindjes te kunnen helpen. Tot ik te weten kwam een soa te hebben. Hij besmette mij met een onschuldige, geneesbare soa, maar dat was genoeg om mij tot nadenken te zetten. Ik liet me behandelen door de gynaecoloog. Ik begon mezelf te analyseren. Ik begon te beseffen dat ik een probleem had maar desondanks bleef ik drinken. Ik loog over werkuren tegen mijn ouders zodanig dat mijn zoon daar kon blijven.

Ik was vaak alleen aan het drinken of aan het uitgaan in Gent waar minder mensen mij kenden. Ook daar liep het uit de hand, ik maakte snel terug foute vrienden. Crack was mij niet onbekend en ik belandde ook terug in die oude gewoonte. Cocaïne, MDMA, XTC, ketamine noem maar op als het maar mijn brein “stil” legde en ik geen gevoelens moest voelen.

Op een dag werd ik wakker in het UZ Gent ik wist niet welke dag we waren, hoe ik daar geraakt was en waarom. Ik voelde mij lichamelijk kiplekker maar ik was nuchter en had alcohol nodig. Er kwam een arts de informatie geven dat ik in slaap gevallen was in een pitazaak in Overpoort en ik 4,8 promille in m’n bloed had. Ik vroeg letterlijk waarom ze mij niet gewoon laten slapen hebben en dat ik er heus wel door gekomen zou zijn, waarop ik de vraag kreeg of ik wel wist dat 5 promille dodelijk was. Dit gaf mij de automatische gedachte “kan mij niet schelen”. Ik had ontwenningsverschijnselen, zweethanden, opgejaagd, droge mond, trillen, ik moest drinken. De psychiater kwam langs stelde heel wat vragen en zat oprecht met mij in. Ik weigerde alle medewerking en zei dat ik geen probleem had, ik wilde weg en ging dan ook weg van het ziekenhuis met de persoonlijke contactgegevens van de psychiater. Ik ben meteen mijn vrienden terug gaan opzoeken en schepte maar op dat ik van het ziekenhuis kwam en 4.8 promille had. Zij vonden dat allemaal zo grappig en ik voelde mij op dat moment super stoer. Kom daar drinken we een op, en we waren weer weg. Opnieuw drinken tot mijn ontwenningsverschijnselen weg waren en ik naar huis kon.

Eens thuis dronk ik mij dag op dag terug black-out, ging ik zelden werken en bracht ik mijn zoon niet naar school. Ik begon meer en meer nodig te hebben. Mijn gedachten waren zo moeilijk stil te leggen. Ik wou niet meer buiten komen en ik leefde in mijn slaapkamer vol rommel. Mijn zoon begon vragen te stellen “mama waarom is het hier zo vuil? Mama waarom moeten wij altijd in bed liggen? Mama waarom ween jij? Mama waarom mag ik niet in bad?”. Ik had denkvoer. Ik wou er iets aan doen. Ik lichtte mijn mama in, maar op mijn manier. Ik kon het zelf wel dacht ik. Zij was dan ook niet op de hoogte hoe diep ik wel echt zat. Ik ging naar de huisarts en startte met medicatie om de ontwenning te verzachten. Ik vroeg meer informatie omtrent een opname maar dit werd door de huisarts afgeraden, omdat ik waarschijnlijk ook mijn probleem wist te verbloemen. Ik ging meer bij mijn ouders en probeerde daar vaker te slapen zonder verdere informatie en ik kreeg vaak te horen dat ik toch zelf een appartement heb. Maar vanaf ik naar huis ging dronk ik mij terug black-out.

Op een dag had ik met mijn zoon gepland om naar de aankomst van de Ronde van Vlaanderen te gaan kijken om eens buiten te zijn. Tot op de dag van vandaag weet ik nog steeds niet wie er gewonnen heeft. Wat als een leuk uitstapje gepland was met mijn zoon is uitgedraaid naar een avondje stappen met de vrienden. Babysit opgezocht en weg was ik. Ik weet niets meer behalve dat ik weer een auto kapotgereden heb en er politie bij is gekomen. Ik werd opgehaald door de moeder van een vriendin, ik bleef daar slapen en mijn mama werd op de hoogte gebracht. Een 12-tal uur later stond ik in de PAAZ-afdeling van het ziekenhuis in Ronse met nog 3.8 promille alcohol, cocaïne en antidepressiva in mijn bloed. Ik besloot mij te laten opnemen, ik had te veel gedronken, mijn huis is een varkensstal, ik word dik, ik word lelijk, ik ben onverantwoordelijk, ik ben kinderachtig en ik zie er niet uit. Ik wil stoppen. Ik heb er genoeg van…

Detox

Ik heb hulp nodig en de maat is vol. Nog onder invloed zit ik met mijn mama te wachten om naar de PAAZ-afdeling begeleid te worden. Ik had mijn mama nog nooit zo kwaad gezien als toen, de teleurstelling in haar ogen maakte dat ik haar niet eens meer kon aankijken. Ik schaam mij diep, ik ween en er gaat van alles door mijn hoofd.

Ik had dorst… Ik kreeg last van ontwenningsverschijnselen waardoor ik zeer nerveus werd. Ik kan mij nauwelijks herinneren wat ik vertelde of wat ik voelde. Ik kan mij wel heel goed herinneren dat ik meerdere keren zei dat ik dorst had. Ik stelde vragen aan mijn mama en luisterde niet naar haar antwoord, ik vertelde in stukken wat ik me nog kon herinneren van die nacht. Tranen bleven maar vloeien. “Mijn auto is kapot, maar niets erg hoor” zei ik nog (grote denkfout). Achteraf blijkt mijn wagen niet meer rijvaardig.

Ik werd naar de PAAZ-afdeling begeleid en ik dacht in mezelf “Komt goed”, ik stelde mezelf gerust. Mijn mama was bezig met de praktische zaken zoals verse kledij, toiletgerief, mijn zoon, dit en dat, het interesseerde mij geen zak. Ik nam afscheid van mama en stond er alleen voor. Ik was bang, ik had dorst, ik wist niet wat ik moest doen. Al snel moest ik op gesprek bij de psychiater, waar ik kort de situatie probeerde te schetsen maar ze merkte op dat ik nog onder invloed was en last had van ontwenningsverschijnselen. Ik voelde mij emotioneel en de drang naar alcohol was zodanig groot dat ik bijna smeekte mij iets te geven “spuit mij plat maakt mij niet uit, ik ben op!”. Het leek een beetje: your wish is my command, er werd een nieuwe afspraak gepland, bloed getrokken, urine staal, enzovoort. Ik kreeg een pilletje. “Voilà meiske, een Valium zo wordt ge rustig” zei de verpleging. Ik wist niet wat het was maar ik nam het. Al snel werkte het en jaja ik voelde mij high. Ik was blij maar mijn lichaam wilde enkel rust waardoor ik de eerste dag als een zombie door de gang liep naar de rookruimte, om het pilletje en terug naar mijn bed, wel 10 keer die dag. Ik hoorde medepatiënten over mij praten dat ik goed bezopen was. Maar weeral boeide mij dat geen zak.

Deze setting was nieuw voor mij. Ik kreeg een weekplanning en ik kreeg de raad om alle therapieën mee te volgen. Zo gezegd zo gedaan, ik ging een helse week afkicken tegemoet. Ondertussen werd ik geholpen voor een opname in het psychiatrisch ziekenhuis van Velzeke dienst verslavingszorg. Alles ging heel snel en 6 dagen later mocht ik eventjes naar huis om mijn valies in te pakken want ik kom niet snel naar huis. Ik begon te panikeren, ik had stress en ik was bang. Ik werd gerustgesteld door een verpleegkundige. So far so good, op naar Velzeke. Ik had nog last van ontwenning en de Valium werd afgebouwd.

In Velzeke werd ik goed ontvangen door een lieve verpleegkundige, zij stelde mij meteen gerust en liet mij in alle rust afscheid nemen van mijn zoon. Ik was zeer emotioneel en voelde mij terug alleen. Ik heb mij onwennig gevoel bij alles. Ik belde naar mama om te zeggen dat ik naar huis wou, ik miste thuis, ik was kwaad op mezelf en voelde mij dom. Ik kon geen contact maken met medepatiënten, het waren allemaal kliekjes en ze waren zoveel ouder als mij. Ik voelde mij echt niet op mijn plaats. Mijn familie bleef zeggen dat ik door moest doen en dat deed ik dan maar, zonder doel en met een gewrongen gevoel. Uitputtend en vol haatgevoelens naar mezelf. Dagen gaan voorbij en ik besef het nauwelijks. Medicatie werd afgebouwd en stopgezet. Ik krijg beperkte uitgang waardoor ik niet naar huis en terug geraak, ik mag ook niet uitslapen. Ik vind het super vervelend en dit laat ik ook merken aan de verpleging. Ik ben precies terug aan het puberen. Ik ben nonchalant en onvriendelijk op bepaalde momenten. Mijn uitgang bleef maar geweigerd worden omdat urinestaal nog steeds sporen van benzodiazepines (Valium) bevatte. Ik was niet kwaad omdat ik niet naar huis mocht ik was kwaad omdat ik niet kon uitgaan in Gent. Ik was kwaad omdat ik al mijn zuippartijen voorbij zag gaan. Ik was kwaad omdat ik niet kon drinken.

Ik hoorde mijn mama dagelijks en begon weer de schijn hoog te houden. Ik loog over hoe ik me wel echt voelde. Alles gaat goed hoor, ik heb nog niet gedronken. Ik vertelde over de therapieën en was er heel sceptisch over. Ik hoorde ook hoe goed het ging met mijn zoon daar. Ik had het gevoel dat ik nietsnut was. Ik voelde mezelf zo overbodig, wat doe ik hier in godsnaam!? Mijn zoon heeft het goed bij mama, waarom kan ik gewoon niet gaan drinken en gerust gelaten worden? Waarom moet ik stoppen met drinken!? Ik had een gevoel dat moeilijk te omschrijven valt. Iets tussen – ik wil mij de kop in drinken, ik wil niet stoppen met drinken – en geef het een kans, ik wil stoppen met drinken. Ik bleef doorbijten.

Ik merkte dat er een ruim aanbod aan sport was op bepaalde dagen. Ik begon op de hometrainer te gaan zonder doel. “Beter iets doen dan niets”, dacht ik. De sportcoaches waren zeer enthousiast en vriendelijk waardoor ik wel gestimuleerd werd om terug te komen, alles was slecht aan mij behalve mijn conditie blijkbaar! Ik was vertrokken, de uren op de hometrainer waren een vast iets op mijn planning maar badminton, core stability, yoga en ook start to run. Ik had zo een voldoening aan beweging. Ik zag mijn gewicht zakken en voelde mijn spieren. Al snel werd ik gezien als een toch wel vrolijke en sportieveling. Ik maakte dan ook de keuze vegetarische gerechten te proberen, geen vlees meer voor mij! Water drinken alsof mijn leven ervan afhing, frisdrank bij gelegenheid. Ik maakte keuzes zonder doel en er echt bewust van te zijn. Het contact met de medepatiënten ging vlotter en vlotter aangezien ik actief was op de afdeling. Ik was nog steeds voorzichtig met wat ik zei en vertrouwde niemand. Ik had veel last van stemmingswisselingen waardoor het moeilijk was oprecht te zijn naar de medepatiënten. Ik denk wel dat sommigen merkten dat niets mij interesseerde. Ik had nog steeds geen idee wat ik daar deed buiten sporten… Ik voelde mij nog steeds dom, alsof ik gestraft was. Ik ben echt belachelijk bezig dat ik mij laat opnemen, ik heb toch geen probleem!? Ik ga gewoon eventjes stoppen met drinken. Als ze zien dat ik gestopt ben met drinken zal ik wel terug kunnen drinken zonder gezaag te krijgen, ik ben genezen van mijn verslaving, aangezien ik gestopt ben met drinken. Mijn hoofd staat niet stil. Steeds blijf ik denken aan alcohol.

Ik ga op gesprek bij de psycholoog, dit was niet makkelijk en ik voelde geen klik en ik kon ze niet uitstaan omdat ik er nog niet klaar voor was, denk ik. Ik voelde mij klein, zakte in de grond van schaamte en voelde mij in het nauw gedreven. De psycholoog was een jonge mooie verzorgde vrouw, ik kan het gevoel omschrijven als een soort van jaloezie, ik was bang dat zij haar beter ging voelen dan mij en een oordeel zou hebben over mij. Ik ben slecht en zij is goed. Ze zei ook zo weinig, ik moest vertellen. Het tweede gesprek ging wat vlotter, de juiste vragen werden gesteld en gaf stof tot nadenken. Ook voelde ik me meer gerustgesteld omdat ze mij bleef herinneren dat het oké is om van alles te voelen. Ik had het gevoel dat ze in het eerste gesprek toch goed heeft geluisterd en mee was met hoe ik mij voelde. Wat is het raar nuchter te zijn en gevoelens waar te nemen. Ik mag niets voelen, ik wil gewoon kunstmatige happiness. Die gevoelens zijn soms raar en doen pijn. Ik mag geen pijn of verdriet voelen. Ik moet, ik moet, ik moet. Ondertussen ben ik een maand nuchter.

Nog steeds hier

Mijn aanvraag tot een uitslapen weekend wordt ein-de-lijk goedgekeurd. Joehoe!!!! Ik ben zo blij, ik kan naar huis, ik kan misschien drinken. Ja, ik begon na te denken ik begon een plan uit te stippelen. Ik polste bij een van mijn betere vrienden waar ik veel mee dronk of hij plannen had en in een mum van tijd was alles afgesproken. Hij is op de hoogte van mijn opname, steunt mij en staat volledig achter het feit dat ik mijn verslavingsproblematiek aanpak sinds dag 1. Ik dek mezelf onbewust in om niet te kunnen drinken denk ik, maar wie is hij om mij te zeggen dat ik niet mag drinken. GROTE DENKFOUT Ik kreeg nog een korte info “Ge moe nie denken da ge gaat drinken met mij en, we gaan weg maar met volk of zonder volk rond, ik geef u een taart rond uw oren als ge maar 1 glas alcohol aan uw lippen zet he miss”. Ja lap, oké ik ga het bewijzen dat ik het kan. Zo kan ik volgend weekend sociaal drinken. Ik blijf bij mezelf denken dat ik mij moet bewijzen naar anderen om terug sociaal te mogen drinken. Het weekend verloopt vlekkeloos, ik kom met veel trots terug binnen “IK HEB NIET GEDRONKEN EN BEN HEEL DE NACHT UIT GEWEEST HÉ” iedereen moest en zou het horen tot vervelens toe.

De medepatiënten vonden dit straf, en vroegen of ik buiten het uitgaan ook genoten had van mijn zoon. Ik houd de schijn hoog maar val in een zwart gat, ik ben zodanig veel bezig met mezelf dat mijn zoon ook al ben ik nuchter mij niet boeit. Wauw, ik ben een dikke egoïst, zo’n slecht mens dat ik ben, ik ben geen mama. Ik schaam mij diep, ik voel me rot, ik ben 1 blok negativiteit. Ik voel me zo rot en praat erover met de psycholoog het lucht niet op, ik blijf me slecht voelen. Ik blijf denken aan hoe slecht ik wel niet ben. Hoe ik het niet verdien een moeder te zijn. Ik ben echt een stom mens. Ik voel me heel depressief en ik ween vaak. Ondanks alles volg ik alle therapieën mee maar ik neem niets op. Ik start een nieuwe therapie psycho-creatieve, met een verpleegkundige waar ik totaal geen feeling mee heb “oh nee die toch niet!”. Waarom die gedachte er is, God mag het weten… Ik doe mee maar met weinig enthousiasme. Ik worstel nog steeds met die negatieve gedachten omtrent mijn zoon en ik wil er iets aan doen! Op de afdeling is er blijkbaar iemand aangesteld voor dat soort zaken. Ja, de verpleegkundige die de psycho-creatieve geeft. Ik denk bij mezelf “geweldig” ik heb er een heel negatief gevoel bij.

Er gaat vanalles door mijn hoofd. Ze gaat zeker denken dat ik een slechte moeder ben, ze gaat haar zeker beter voelen dan mij, zij is zo professioneel en ik niet. Ik voel onzekerheid, twijfel, angst, wantrouwen, jaloersheid. Ik heb stress en ben nerveus en ze start met het geven van informatie over KOPP/KOV voor verslaafde ouders, dit was zeer professioneel en duidelijk. Ze merkt op dat ik het moeilijk heb, ik heb het gevoel dat ze met mij in zit. Ik barst uit in tranen ik vertel haar over hoe slecht ik mij voel bij het denken aan mijn zoon. Ik blijf ratelen over wat ik hem allemaal heb aangedaan en hoe ik mij voel. Ik blijf zeggen dat ik een slechte moeder ben, dat ik het nooit meer ga kunnen, dat hij het niet verdient en hij beter af is zonder mij. Ze knikt en zegt af en toe dat het oké is om te voelen wat ik voel. Het is nodig om die pijn te ervaren en er bewust van te zijn want ik was toen niet goed bezig. Maar ik moet er mij bewust van zijn dat dat het verleden is en hoe pijn dat dat ook doet ik daar niets meer aan kan veranderen. Ik heb de eerste stap naar mijn zoon al gezet door mij te laten opnemen en dat zal in de toekomst enkel maar beteren voor mezelf en voor hem. Ik voel mij opgelucht, ik ben haar dankbaar.

Mijn weekends zijn anders. Mijn gevoel naar mijn zoon verandert, ik kijk ernaar uit om hem te zien. Ik probeer het maximaal uit ons te halen maar ik ben nog steeds voorzichtig. Ik ben na elk weekend opgelucht “ik ben goed geweest voor hem” maar de gedachten “amai na al die tijd zo een slechte moeder te zijn zou het eens mogen zeker” is groter. Ik praat erover met medepatiënten en de psycholoog, zij blijven me zeggen dat dit normaal is en dat wel zal beteren. Ik heb niet het gevoel dat het beter wordt, ik blijf negatief. Ik ben zeer prikkelbaar en heb schijt aan alles. Ik pieker heel de dag en nacht door. Wat een vermoeiend mens ben ik toch. Mijn drang naar alcohol is zo goed als verdwenen. Wat interesseert mij alcohol, ik ben te druk bezig met mij elke keer opnieuw te herinneren hoe slecht ik wel niet ben. Ik wil niet meer drinken, dat zorgt alleen maar voor problemen. Mijn klik is gemaakt ten opzichte van alcohol. Ik wil NOOIT MEER alcohol drinken. Ik ben een alcoholist ik kan niet sociaal drinken. Ik wil het niet meer. Ik ben 2 maanden nuchter, ik ga nu ook niet meer terug beginnen drinken.

Switch

Ik merk dat ik niet op ontslag kan vertrekken. Ik ben er niet klaar voor. Ik heb meer tijd nodig om nuchter te worden. Ik wil volledig stoppen met drinken en een goede moeder zijn. Ik wil echt veranderen. Ieder weekend geniet ik van mijn zoon en zijn liefde. Wat ziet hij mij toch graag, na alles wat er gebeurd is! Het voelt zo puur en warm. Ik begin me te focussen op de therapieën. 

Ik leg contacten met medepatiënten. Al snel merk ik een vlot gezellig en leuk contact met 3 andere patiënten. We zijn alle 4 van hetzelfde principe nooit meer te drinken. We zijn zo verschillend van elkaar, maar we herkennen ons in elkaar. Het voelt goed en oprecht. Ik ben zeer wantrouwig, maar het goed gevoel overheerst. Ja, we zijn vrienden, lotgenoten, we begrijpen elkaar. We maakten de keuken onveilig, samen koken, tapas eten maar vooral veel lachen. Wat deed de deugd een gelukkig gevoel te ervaren zonder alcohol. Ik wil meer van het nuchter gelukkig zijn voelen. Het gaat goed, ik boek vooruitgang, ik sla mij erdoor.

Ik word in de loop van de maand 2 keer met spoed geopereerd aan een darmhernia. Het was absurd hoeveel pijn ik heb ervaren en hoe snel alles ging. Ik wist niet hoe ik mij moest gedragen, wat ik wel wist was dat ik niet wil drinken. Ik kreeg de nodige rust in Velzeke en mijn vrienden helpen mij waar nodig. Kort daarna start ik medicatie op om mijn hyperactiviteit wat meer onder controle te krijgen, eens nuchter ervaar ik terug last van mijn hyperactiviteit. Maar wat heb ik mezelf toch aangedaan. Ik reageerde fel op de bijwerkingen. Hoge bloeddruk en hartslag, geen eetlust, ik ben prikkelbaar, emotioneel, zwart denken en ervaar zware hunkering naar alcohol en drugs. Ik sla in paniek ik heb mij nog nooit zo slecht gevoeld. Ik ween alsof ik ieder moment wel kan sterven, wat is dit! Ik word gestimuleerd en gerustgesteld door mijn vrienden om door te zetten, en ik mag er de vruchten van plukken.

De medicatie slaat aan, ik heb meer ups dan downs en ik kan mij concentreren op zo goed als alles. Als ik paniek sla neem ik uit voorzorg Antabuse. Problemen oplossen als ze zich voordoen. Ik kan alles beter plaatsen, ik neem dingen op in de therapieën en ik pas het toe. Wat is het simpel om nuchter te zijn. Ik probeer mindfulness en het had effect op mij. Ik ervaar de rust intens het is lang geleden dat mijn nuchtere hoofd zo een rust ervaarde. Ik leerde lief zijn voor mezelf, ik leerde mezelf vergeven. Ik hou mij creatief bezig, ik neem de problemen die ik kan oplossen aan. Ik ben goed bezig, ik groei.

Twee van mijn vrienden vertrekken op ontslag, het is vervelend maar ik ben oprecht blij voor hen dat ze klaar zijn. We horen en zien elkaar regelmatig. Ik ben blij dat ze deel uitmaken van mijn leven, ik kan eindelijk zeggen dat ik weet wat vriendschap en verbondenheid is. Ik ben gelukkig, ik heb de juiste keuze gemaakt, ik leer er veel bij. Ik test mezelf, alleen naar de kust, alleen op terras, weggaan met andere vrienden en het gaat prima. Ik volg de therapieën opnieuw en ik neem het op. Ik leer na 3 maanden opname eindelijk wat van de therapieën. Ik heb vooruitzichten en ben ambitieus.

Ik ga ervoor, ik wil mijn werk, mijn appartement, mijn zoon, mijn geluk terug nuchter. Het is ongelooflijk wat ik nuchter mag ervaren, ik kan zo veel voelen goed of slecht en dat is oké! Ik wil nooit meer teruggaan naar mijn dagen dat ik dronk. Ik ben beter, mooier, slanker, gelukkiger, gezonder dan de persoon die ik toen was. Ik ben trots op mezelf. Ik ben er mij bewust van dat er nog moeilijke dagen gaan komen maar ik zet door zoals ik al 3 maanden nuchter doe.

Elise out

Een vaste dagindeling heb ik wel opgebouwd, hier gaat alles vanzelf, ik ben het hier gewoon. Alle medepatiënten die aanwezig waren 3 maanden terug zijn allemaal met ontslag. Ik ben wat meer op mezelf en heel creatief. Ik pieker nog zelden en heb geen nood aan alcohol. Ik wil er wat meer uit halen dan enkel omgaan met mijn verslaving.

Ik begin te schrijven. Alles gaat vanzelf en ik ondervind een rust in het schrijven. Ik ga een blog beginnen! Ik wil een diploma behalen, ik wil mensen helpen! In eerste instantie blog ik voor mezelf en voor bewust te zijn en te blijven van mijn gevoelens. Het doet zo goed om mijn ervaring neer te pennen en te delen. Ik ervaar en sta stil bij mijn gedachten en gevoelens. Ik merk op dat ik wel nog steeds grote angst heb over mezelf. Zal ik het wel kunnen? Het zou wel eens mis kunnen gaan. Ik sta sterk in mijn schoenen en kan mijn gedachten laten voor wat het is. Ik ben vastberaden en wil meer. Ik pin een datum vast om met ontslag te gaan. 14 August, klinkt realistisch. Ik bruis van zelfvertrouwen en ben enthousiast. Familie en vrienden steunen mij in mijn keuze. Wat wil ik die tijd nog bereiken? Ik verdiep mij in mindfulness en acceptance and commitment therapie. Ik pas het toe in mijn dagelijks leven en alles wordt gemakkelijker. In het weekend ga ik nog op stap en neem ik voorzorgen door mijn vrienden in te lichten dat wat er ook gebeurt ik zeker niet mag drinken moest dit in mijn gedachten opkomen. De lokale bars bracht ik op de hoogte van mijn problematiek. Ik krijg veel complimenten en steun. Craving ervaar ik op kleine stress momenten maar ik kan altijd terugkomen naar mezelf en mijn keuze. Stoppen met drinken is geen verplichting meer, het is iets dat ik zelf wil.

Ik merk dat ik van de therapieën veel bij leer. Ik begrijp alles en gevoelige onderwerpen zoals uitglijders en hervallen worden bespreekbaar. Weekends lopen vlot en ik ga aan de slag met mijn nazorg. Eens buiten ga ik nog een aantal dagen in de week op dag therapie in het ziekenhuis van Ronse. Vrijdagavond is er de AA-vergadering die ik nog eens zal proberen bijwonen. Ik ga wekelijks langs bij de psycholoog en maandelijks bij de psychiater. Ik blijf schrijven over mijn herstel. Ik voel me goed en zelfzeker over mijn keuzes.

Tot op de dag dat ik zaterdagavond het centrum weer binnenstap na een tof weekend uit te slapen. Twee medepatiënten zijn weg omdat ze op de afdeling gedronken hadden. Totaal onverwacht voelde ik mij er raar bij. Een medepatiënt kwam wat later binnen onder invloed… Ik kreeg er twijfels, ik zal het niet kunnen. Ik schoot in paniek omdat ik geconfronteerd werd met verslaving in mijn veilige omgeving. Ik wil hier nu weg.  Ik bel een vriendin op, geen antwoord. Ik panikeer en wil op het moment zelf weg.  Ik bel naar mijn mama, zij wist mij al gerust te stellen en vroeg me om erover te praten met iemand van de verpleging. Ook mijn vriendin belde terug, zij was van dezelfde mening. Ik ging naar de verpleging en vertelde wat er in me omging, ze luisterde en ik had de indruk dat ze me begreep. Ze gaf mij de raad om een aantal dagen te blijven en niet de avond zelf te vertrekken. Wat een heel goede raad was. Ik had 3 dagen de tijd om alles te regelen en om in alle rust te vertrekken. Ik was opgelucht, “nu begint het echt”, dacht ik. De dagen vlogen voorbij en ik kreeg steun van iedereen rondom mij, het voelde juist aan om naar huis te gaan.

De avond voor ik vertrek heb ik een kleinigheid voorzien voor de medepatiënten, tapas, hapjes, kaasjes, een leuk muziekje en veel lachen! Super gezellig en dit zonder te drinken. “Ik zal het hier missen”, denk ik vaak bij mezelf, maar voor mij is het tijd om naar huis te gaan… Woensdag ga ik naar huis, een bloemetje voor het personeel, overige medicatie ophalen, overige zaken inpakken en wegwezen. Ik stapte buiten met een goed gevoel, het was een gevoel van overwinning maar ook wel van trotsheid, angst, blijheid, onwetendheid…. Ik dacht steeds bij mezelf: “het gaat jou wel lukken”, “je kan het”, dit was wel uiteraard helpend. 4 maand nuchter en voel mij sterker dan ooit.

Home sweet home

Woensdag. Ik kom thuis met een wauw gevoel. Ik pak mijn koffers uit, ik laat een wasje draaien en nu begint het. Wat ga ik eens gaan doen. Een vriend belde mij om af te spreken nu ik eindelijk thuis ben. Ik twijfel, ik vraag me af of ik daar echt zin in heb. Nee, ik ga naar mama, ik wil bij mijn zoon zijn. Ik haal een boeketje bloemen en wandel met een super goed gevoel naar mama thuis. Eens aangekomen ben ik trots, mama glundert, mijn zussen en broer zijn blij, ook mijn stiefpapa is blij met mijn thuiskomst. Ik voel mij gelukkig! Mijn zoon in mijn armen en veel vertellen over hoe opgelucht ik ben. Enkele uren later komen vrienden me ophalen om iets te drinken en mijn thuiskomst te vieren. Ik vond het best leuk maar onwennig. Ik zat met mijn huishouden in mijn hoofd, ik wou thuis van alles doen. Ja, ik ga naar huis, ik heb nood aan thuis zijn. Ik kom thuis en ging de was drogen en ruimde wat op. Het werd later en ik dacht te gaan slapen maar eens in bed kwam de confrontatie. Ik kreeg last van destructieve gedachten. “Zie je nu wat je jezelf hebt aangedaan”, “je kan niet eens voor je eigen zoon zorgen”, “hoe kun je nu blij zijn als je je zoon niet bij je hebt”, “je hebt het echt verkloot”, “Ik ben toch een slechte mama”. Ik paste toe wat ik had meegekregen van de therapieën, diffusie. Mijn gedachten zijn fout, ik ben een goeie mama. Mijn zoon zal terug bij me verblijven eens ik alles op een rijtje heb. Ik stel mezelf gerust, het is oké om tijd voor mezelf te nemen. Ik heb tijd voor mezelf nodig. Ik kon toepassen wat ik heb geleerd tijdens mijn opname. Nogmaals een bevestiging dat een opname bij verslavingsproblematiek veel bij brengt en je er ook voor moet openstaan om er wat uit te leren. Wat je leert moet je ook in het dagelijks leven gaan toepassen anders dient het ook tot niets. Het kost moeite maar het maakt alles zoveel gemakkelijker. Ik slaap weinig en moeilijk de eerste dagen, ik vlieg in het opruimen van mijn appartement. Ik neem rust wanneer nodig, een namiddag naar het bos met wat tapas, een dag niks doen, een avondje bij vrienden. Het is al snel weekend, een festival in Ronse, daar ga ik naartoe. Leeftijdsgenoten zijn voor mij een risico, meeste van mijn leeftijdsgenoten drinken hun ladderzat maar hebben daarom geen probleem. Ik kan en wil niet drinken. Ik moet voor mezelf zorgen en zeker zijn dat ik niet wil drinken. Het lukt prima. Het was een fijne avond!

Dag 2 van het festival ga ik met mijn zoon. Het was fantastisch om eens wat nieuws te doen met mijn zoon. We hebben ons super geamuseerd onder ons en ik heb vooral GENOTEN. Na het festival naar de McDonalds samen, “wauw mama, het was leuk!”. Ik word helemaal warm als ik er terug aan denk. We waren met de fiets en eens ik hem terugbracht bij mama thuis, was ik trots. Ik was zo trots dat ik dit heb kunnen beleven met mijn zoon. Ik heb hem nuchter, veilig en wel terug thuisgebracht! Dit maakte van mij een verantwoordelijke, liefhebbende en zorgzame mama.

Ik merk dat thuis zijn sterk op mijn humeur speelt, ik probeer telkens opnieuw een balans te vinden. Ik doe wat ik kan, soms voel ik mij gelukkig, soms voel ik mij verdrietig, soms ben ik bang… Ik kom steeds terug bij mezelf door ongeveer 10 tellen op mijn ademhaling te letten en dit gaat best. Ik ga op intake voor het dagcentrum in Ronse om therapie te volgen. Alvorens mijn afspraak spring ik binnen met een bloemetje voor de PAAZ-afdeling, zonder hen stond ik niet waar ik nu sta. Ik merk met het gesprek bij de psycholoog dat ik eigenlijk wel nog wat angsten heb en heel wat spijt tegenover mijn zoon en mijn familie.

Ik start met dag therapie op maandag en donderdag. Ik kijk er naar uit maar heb er ook wel mijn twijfels over. Ik kan veel vertellen tegen mijn ouders over mijn gevoelens en over mijn plannen etc… Tijdens mijn opname had ik een familiegesprek met mijn mama waar ik wel heb aangegeven dat ik wou dat ze meer op bezoek kwam bij mij. Mama is ondertussen al 2 keer langs geweest! Gewoon op bezoek, “ik was in de buurt”. Mijn zoon kwam ondertussen ook een aantal uren thuis. “Mama jij bent beter maar eerst alles opkuisen en dan kan ik terugkomen he”. Mijn zoon is heel bewust en doorstaat heel de situatie alsof alles zijn gewone gangetje gaat. Hij is zo een sterke slimme jongen, ik ben een trotse moeder.

Na 2 weken thuis steek ik ’s avonds de tv eens aan, cool “Bruce Almighty” op TV…. Nee ik ga wat schetsen, ik begin eraan en ben niet meer te stoppen. Het was allemaal wel veel aan het worden, afspraak bij de psycholoog, alles opruimen, sociale contacten, boodschappen, enz… Door te schetsen merkte ik terug een rust in mijn hoofd. Ik blijf mezelf herinneren dat ik niet te veel moet doen alles kan met tijd en boterham. Ik ben tenslotte zo lang van huis weggeweest. Stap per stap ga ik er wel geraken, ik ben thuis en nuchter dus ik ben goe bezig.

Lovely chaos

Overdrive. Dat is waar ik in beland ben, ik plan 101 dingen in en wil alles doen. Ik voel een gemis en een stress. Ik weet niet vanwaar het komt. Ik slaap slecht, ik kom voldoende buiten maar ik voel me bekrompen. Aangezien ik een goede band heb met mijn moeder vertel ik haar hierover. Met de reactie die zij mij gaf “what do you want me to do for you to feel better?” is mijn brein beginnen werken. Ik blijf die zin in mijn hoofd herhalen. What. Do you. Want. Me to do. For you. To feel better. In die zin klopt er iets niet, “me to do” klopt niet. What do you want for YOU to feel better. Wat laat er mij beter voelen? Mijn zoon. Hij laat me beter voelen dan ooit! Ik heb hem nodig om me beter te voelen. Ik heb mijn zoon bij mij nodig, op bezoek gaan is niet voldoende. Hij hoort thuis bij mij.

First things first. Thuis in een propere huiselijke omgeving. Het is 15u40, ik begin alles vrij te maken en ik ga mijn appartement schilderen. Ik ben vorig jaar begonnen, nu moet het af! Een weekendje schilderen en ik was opgelucht. Ook de therapieën op maandag en donderdag helpen om een vaste planning in de week op te bouwen. Ik zie vooruitgang en ik beslis met mama dat mijn zoon een nacht thuis komt slapen eens alles afgewerkt is. Ik ben er dagelijks mee bezig en ik kijk er naar uit.

Ondertussen heb ik de balans tussen sociaal contact en familie gevonden. Ik ga met mijn zoon op zwier, met de trein, de bus en de fiets, wij genieten ervan. Ik ben zo gelukkig dit te mogen ervaren, nuchter en mij veilig te voelen. Mijn vrienden zijn een geweldige steun. Als we uitjes doen, denken ze aan mij door een alcoholvrij alternatief te voorzien. Ik voel mij goed en geliefd. Genieten met mijn zoon aan het zwembad. Naar onze lokale feesten met de fiets en dansen op de markt. Lachen en gieren met mopjes. Gesprekken hebben over hoe we elkaar oprecht missen en uitkijken naar hoe het gaat zijn als we weer samen thuis zijn. Mijn hart smelt en ik word helemaal warm van het gevoel te hebben dat hij ook zo uitkijkt naar ons.

Mijn nuchterheid helpt mij bij alles en brengt mij zoveel bij. Ik walg en voel afkeer als ik denk aan hoe ik mij bij alles zou vergiftigen met alcohol. Ik ben super trots op alles wat ik bereikt heb op 5 maanden tijd. Ik bereikte op een korte periode zoveel meer dan op 2 jaar drinken. Ik heb nog steeds de automatische gedachte van 1 kan geen kwaad maar door deze gedachten te corrigeren en steun van mijn omgeving voel ik mij iedere keer 10 keer sterker dan die drang of gedachte. Ik krijg zoveel positieve reacties over mijn blog en ook op basis van mijn uiterlijk enkel en alleen maar te danken aan mijn nuchtere leven.

WOW mom

De laatste weken was zoeken, zonder te weten naar wat ik zocht. Ik start 2 dagen per week met dag therapie. Ik voel er weerstand bij. Ik ga er niet graag naartoe en ik heb niet het gevoel dat ik geholpen word. Ik pieker en ervaar er stress van, maar ik blijf het een aantal kansen geven, tegen mijn negatieve gevoel in. Mijn negatief gevoel blijft, dus ik maak ook de keuze om ermee te stoppen na 3 weken. Ondertussen is de zomervakantie voorbij en gaat mijn zoon terug naar school.

De eerste schooldag was zeer confronterend. Ik ben nuchter mijn zoon gaan afzetten. De schuldgevoelens komen terug op eens ik mijn rug draai naar de schoolpoort en vertrek. Ik barst uit in tranen en die tranen heb ik zo goed als heel de dag niet kunnen stoppen. Ik voelde mij trots maar tegelijk ook gevangen in mijn schuldgevoelens en de gedachte, hoe ik hem naar school bracht toen ik nog dronk. Vaak had hij geen propere kleren aan, zijn haar was niet gekamd, choco van ’s morgens bleef aan zijn mond plakken, vieze nagels en hij was altijd moe van weinig te slapen. De gedachte dat ik een slechte mama ben en mij diep schaam voor mezelf was hard aanwezig. Ik ga zitten aan een terras om een koffie te drinken en te bekomen van al de emoties. Craving komt op, mijn gevoelens en emoties zijn te veel en te intens. Ik heb drang naar roes. Ik heb iets nodig om eventjes alles stil te leggen daarboven. Ik ben mij die dag bewust geworden dat mijn cravings niet alleen alcohol is. Als ik craving ervaar wil ik gewoon roes, of ik die roes nu van alcohol, medicatie, drugs of wat anders kan krijgen is dat ook best. Een verslavingsproblematiek is voor mij verslaafd aan roesmiddelen, dus niet enkel aan alcohol. Alcohol is makkelijk bereikbaar, sociaal aanvaard en een snelwerkend product. Ik heb die dag dan ook mijn cravings kunnen verhelpen door naar mijn familie, vrienden te bellen. Ook belde ik eens naar het psychiatrisch centrum van Velzeke, dat deed mij veel deugd en het hielp zeker.

Mijn zoon is fulltime bij mij, we genieten er met volle teugen van. Ik merk op dat hij wat last heeft van verlatingsangst, ik word letterlijk tot op het toilet gevolgd. Ik krijg veel bevestiging, als ik hem aan de schoolpoort ophaal zegt hij vaak “mama ik heb je gemist toen ik op school was”, voor het slapen gaan “ik hou veel van jou mama”. Vaak word ik wakker dat hij bij me in bed kruipt. Puur genieten en bewijs dat ik nu wel een goeie mama ben. Wat vroeger was is voorbij en schuldgevoelens wil ik niet de bovenhand laten nemen. Wat telt is nu.  Hij kan ondertussen mama en zijn naam schrijven, ik ben super trots dat ik hem dit kon leren. Ik geniet van de kleine dingen en ik probeer zoveel mogelijk tijd met hem te spenderen.

Ik ging op intake bij de Kiem, dit voor ambulante begeleiding voor mensen met een drugsverslaving. Het eerste gesprek bracht zoveel bij mij naar boven. Ik heb eerlijk gezegd wat ik voelde en kunnen praten als geen ander. Het was een opluchting en ik keek al direct uit naar het volgende gesprek. Gesprekken worden wekelijks gepland en ik ga er met alle plezier naartoe. Ik merk op dat ik geholpen word en verschillende handvatten worden aangereikt. Dit in combinatie met de AA-vergaderingen geeft mij het gevoel dat ik gesteund en geholpen wordt. Nogmaals het bewijs dat hulp aanvaarden belangrijk is. Ik weet ondertussen wat ik kan doen om mijn cravings te verzachten. Ik weet ondertussen dat ik goed bezig ben op vlak van mijn ouderschap. Ik weet dat ik hulp kan krijgen waar nodig. Ik weet dat mijn zoon nummer 1 is en dit alles voor ons is. Zelfonderzoek is het woord dat ik op deze periode kan plakken. Ik ontdek zoveel over mezelf en mijn mogelijkheden als moeder.

Winter is this you?

De dagen worden korter en nachten worden langer. Mezelf druk op leggen en te veel hooi op de vork nemen? Ja, ik ben weer bezig. Ik moet terug gaan werken, mijn appartement moet er gelekt bij liggen, ik moet anderen helpen, ik moet contact houden met mijn vrienden, ik moet buiten komen, ik moet er goed uitzien, ik moet dit, ik moet dat….


Ik herinner mezelf de wijze woorden uit mijn opname, IK MOET JUST NIKS. Met ondersteuning van mijn omgeving en professionele hulp leer ik op tijd gas terugnemen. Mezelf verplichten geeft mij een slecht gevoel, trop c’est trop, zoals ze zeggen. Stapsgewijs van ik moet naar ik wil veranderen. Hoe kan ik hetgeen dat ik wil ook gaan bereiken? Doelen stellen, doelen die heel weinig energie van mij vragen. Bv. dagelijks een verhaal voorlezen voor het slapen gaan, quality-time met mijn zoon, we hebben er beide genot van. Ik wil eerst gelukkig zijn, mezelf aansterken om grotere doelen te stellen en om deze te bereiken. Dit gaat best goed.

Ondertussen heb ik de stap kunnen zetten naar mijn financiële situatie, ik maakte door mijn verslaving hiervan een puinhoop… Ik besloot alles uit handen te geven. Dit vroeg veel energie maar het is mij gelukt. Bills before chills? JAZEKER. Ik ben beperkt in uitgaven, maar elke dag lekker eten op tafel, een warme woonst, proper kledij en mijn gezin. Meer hebben we niet nodig om gelukkig te zijn. Ik ben oprecht gelukkig.

Vorige week heb ik een vriend geholpen op een evenement dat hij organiseerde. Ik was bar verantwoordelijke. Ik heb frisse pinten getapt, vodka’s en whisky geserveerd. Mijn therapieën zorgde ervoor dat ik handvatten had en dat ik zeer mindful omging met mijn werk. Mijn bierglas fris spoelen, mijn tap met het doffe geluid opentrekken, mijn glas schuin laten vullen, het bier horen lopen, het schuim zich zien vormen, het doffe geluid van de tap die ik dicht doe, het overtollige schuim weg schrapen, het koude en natte voelen aan mijn vingers en tot slot het ruiken van het bier. Ik aanvaardde dat dit intens was om te doen maar het is oké, ik wil niet drinken. De dag erna was ik fris zonder kater en kon ik het bar-verslag zonder fout doorgeven. Ik kreeg berichten van mijn vriend die mij 1000 maal bedankte voor het goede werk dat ik heb geleverd.

Weer een stap dichter naar verantwoordelijkheid. Ik weet perfect dat ik geen alcohol meer wil drinken en dit is m’n kracht. 7 maanden nuchter, ik ben blij met wat ik tot nu toe bereikte maar ik blijf alles traag vinden. Ik wil terug de “oude” zijn. Zonder te veel angsten of twijfels

Het thuis zitten van mijn job ligt mij gevoelig maar ik weet ook dat ik rustig aan moet doen. Ik ben zeer creatief en wil iets doen met mijn nuchterschap. Mensen inspireren of een hart onder de riem steken. Dit zorgt ervoor dat ik alert blijft en geniet van mijn nuchterheid. Als ik mijn evolutie bekijk ben ik best fier. Alles wat ik dacht niet te kunnen, kan ik wel. Toch is het nog steeds een gevoelig punt. Alcohol is niet te vermijden, dagelijks word ik geconfronteerd en herinnerd. Ik blijf dicht bij mezelf en dit helpt me dagelijks.

Applaus voor mezelf

Ik ben vandaag 1 jaar nuchter.

Hoe trots ik me vandaag voel is onbeschrijfelijk. Ik heb hier zoveel werk ingestoken. Ik ben zo goed als elke dag nog bezig met mijn nuchterschap. Ik heb na 366 dagen nog altijd moeilijke momenten. Zoals wanneer ik thuiskom van een lange werkdag, als iets niet loopt zoals ik het gepland heb, momenten van stress en vermoeidheid, veranderingen, het gemis van de roes. Het weigeren van een glaasje op een receptie, met de gedachte “ik ben nu al zo lang nuchter ik kan wel één glaasje, niemand zal het weten”. Ik heb nog momenten dat ik tegen mezelf moet zeggen, het is het niet waard, je bent al zover gekomen. Ik ben duidelijk nog steeds een nieuwsgierige alcoholist, ja. Maar ik ben ook nuchter en trots. Genezen zal ik nooit zijn. Ik zal voor de rest van mijn leven moeten leren omgaan met mijn verslaving, het eerste jaar is dan wel zonder uitglijders goed verlopen. Ik heb door het jaar heen alles dat ik bereikte genoteerd, alles wat voor mij als een overwinning in mijn nuchtere leven is.
Doelen die ik wou bereiken bij het vertrekken van het ontwenningskliniek:

  • Ik weeg terug 75 kilo
  • Rijbewijs terug
  • Vers koken
  • Mijn zoon terug  fulltime thuis
  • Vast slaappatroon
  • Mijn excuses aangeboden
  • Hulp vragen waar/wanneer nodig
  • Schulden afbetalen
  • Terug gaan werken
  • Niet in aanraking komen met politie
  • Genieten van familie en vrienden
  • Openstaan voor liefde
  • Mezelf blijven
  • NIET DRINKEN

Dit zijn dingen die ik als alcoholist niet had kunnen bereiken. Bij het verlaten van het ontwenningskliniek hameren de artsen erop om een planning/structuur op te stellen “wat zijn je doelen thuis”. Ik weet nu waarom! Ik voel me gelukkig, trots, verliefd, bewust, een mama, eerlijk.

Deze gevoelens kon ik één jaar geleden niet ervaren of toelaten.

Ik ben een banaan

Mijn blog staat al eventjes stil, zoals veel dingen in het leven de dag van vandaag. Of corona mijn nuchterschap beïnvloed? Nee, ik ben nog altijd nuchter. Maakt corona het moeilijker om nuchter te blijven? Misschien wel. Zoals iedereen ben ik een deel van mijn vrijheid kwijt.

Alles wat mijn emoties beïnvloedt is zeer persoonlijk, doordat we allemaal geïsoleerd zijn. Dit maakt het moeilijker om met iedereen te delen wat voor invloed alles heeft op mijn nuchterschap. In elke situatie, positief of negatief, komen er altijd wel gedachten op die verwijzen naar alcohol. Ja, ook na bijna 2 jaar nuchter spookt het nog door mijn hoofd. Ik leef zelfstandig met mijn vriend en kinderen, ik doe alleen mijn boodschappen, ik ga alleen naar doktersafspraken. Ik heb “veel” tijd alleen. Hiermee bedoel ik dan, veel tijd dat ik bang ben om te hervallen.

Vroeger spendeerde ik die “vrije” tijd door te drinken, de roes zorgde ervoor dat ik niet te veel moest nadenken. Nu ben ik nuchter en alleen met mijn gedachten. Ook al wil ik het niet, is de gedachte dat ik kan hervallen altijd heel dichtbij. In het begin van mijn nuchterschap was ik minder bang dan nu. Ik was beschermd door vrienden, familie, AA-vergaderingen en ook medicatie die ervoor zorgde dat ik minder negatieve/depressieve gedachten had. Dit valt allemaal weg. “Ik ben toch al zolang nuchter” is een gedachte die ik vaak heb maar die mij niet altijd helpt.

Ik merk vaak op hoe moeilijk het is, omgaan/leven met een verslavingsproblematiek. Zowel blijheid, kwaadheid, verdriet, stress als verandering, zijn factoren die triggeren. Gelukkig heb ik door therapie veel geleerd, maar dat is niet alles. Vandaag schrijf ik om mezelf een hart onder de riem te steken, mezelf de boodschap te geven dat het oké is om bang te zijn. Maar ook om mezelf aan te moedigen.

Ik ben niet minder gelukkig, maar wel extra bang.